Dat de thuiswedstrijd van Zorg en Zekerheid Leiden tegen Almere Sailors, dit seizoen herintreder in de Dutch Basketball League, geen echte wedstrijd zou worden, stond tevoren natuurlijk al vast. Daarvoor is het verschil tussen de koploper en de nummer voorlaatst gewoon te groot. Maar voor de liefhebbers van lekker aanvallend basketbal en veel afstandsschoten werd het toch een vermakelijke avond in de Vijf Meihal. Er werd een recordscore van 124 punten neergezet. Dat hadden er nog veel meer kunnen zijn, maar de Leidse ploeg draaide in het laatste kwart het gas wat dicht, was barmhartig voor de tegenstander en gaf Almere de kans om nog wat aan de povere score te doen. De ploeg uit de polder greep die kans en kwam uit op 124-79.

Eigenlijk was na afloop de enige vraag in hoeverre de recordlijsten moesten worden bijgewerkt. In elk geval dus met die 124 punten, want ZZ Leiden had een record staan van 120, maar daarvoor waren in 2009 twee verlengingen nodig tegen Aris Leeuwarden. Zonder extra tijd was het ooit 113, toevallig (?) ook tegen Aris, in 2014. Dat was ook het record in de Vijf Meihal. Er werd ook gekeken naar de zeventien rake driepunters, maar ZZ Leiden maakte er eerder in de historie twee keer achttien. Wél was 36 assists een verbetering van het record (34) uit 2018 tegen Rotterdam.

Na drie kwarten stond ZZ Leiden op precies honderd punten (100-48) en of dat een ‘all-time best’ was kon natuurlijk alleen cijferkanon Jacob Bergsma nakijken. In zijn geweldige archief vond hij een wedstrijd tussen Aris (heel vaak de negatieve recordploeg dus…) en BS Weert uit 2008, waarin de Limburgers na dertig minuten spelen op 104 stonden. Aris Leeuwarden stond toen op 73 in deze ‘verdedigen-hoe-schrijf-je-dat-?-wedstrijd’.

In de openingsminuten zaterdag knipperden de weinig aanwezigen even met de ogen, toen Almere sterk begon met drie driepunters. Dat leidde even tot een voorsprong voor het team van Eric Kropf, ooit assistent van Theo Kinsbergen in de Parkertijd. Maar ZZ Leiden bleef in de buurt en snelde vervolgens naar 36-24 aan het einde van het eerste kwart. Inmiddels hadden de verse Amerikanen Riley LaChance en Nick King hun eerste minuten gemaakt op het parket van de Vijf Meihal. LaChance speelde al wel eerder in Rotterdam.

Na het eerste kwart was het vooral een kwestie van kansen verzilveren en de spelletjes draaien, die later in het seizoen honderd procent moeten zijn als Leiden de strijd aanbindt een betere tegenstanders. En er viel voldoende te genieten. Dat moest ook wel, want de wedstrijd was halverwege al dubbel en dwars gespeeld: 66-35. Op dat moment hadden alle elf spelers al speeltijd gekregen.

Het de derde akte was de vraag of ZZ Leiden al voor het eindsignaal de honderd punten zou bereiken. Dat lukte net met een driepunter van LaChance. Daarna was alleen een eindtotaal nog een open vraag. Maar het werd al snel duidelijk dat Leiden respect wilde tonen voor het dapper doorspelende Almere. Begrijpelijk. Je mag best een tegenstander duidelijk maken dat je veel beter bent, maar je hoeft die dan niet helemaal naar de gallemiezen te spelen. Almere kon met een handvol driepunters aantonen, dat het best een paar leuke schutters in de ploeg heeft en het vierde kwart zelfs ruim winnen met 24-33. Natuurlijk maakte het allemaal niets meer uit. Het verzachtte echter wel de pijn bij de Sailors.

ZZ Leiden-Almere Sailors 124-79 (36-24, 30-11, 34-11 en 24-33).
Scores Leiden: Emmanuel Nzekwesi 28 (6 rebounds), Mike Finke 20 (8 rebounds), Riley LaChance 19 (9 assists), Giddy Potts 14 (10 assists), Nick King 14, Worthy de Jong 12 (9 assists), Luuk van Bree 10, Marijn Ververs 5 en Mees van ’t Hoff 2.
Topscorers Almere: Dante Lombardi 19, Joey Liem 15, Eamonn Joyce 15 en Edwin Richmond 14.

Tekst: Jan van der Nat/TSL
Op de foto van Jan van der Lubbe: Nick King maakte zaterdag zijn debuut bij ZZ Leiden.