Je krijgt niet altijd wat je verdient. Zorg en Zekerheid Leiden speelde een prachtig seizoen, verwende zijn fans en sloot af op de eerste plaats, die dik en dik verdiend was. Geen enkele nederlaag in uitwedstrijden, inclusief dus de ‘Grote Drie’, sprak tot de verbeelding. Bij het toekennen van de seizoenprijzen werd de ploeg overladen met awards. Allemaal prachtig natuurlijk, maar het ging om die ene prijs. De grootste van het seizoen. Het kampioenschap. Maar de favoriet ging onderuit. Keihard op het gezicht, want na nederlagen in Leiden en Groningen werd ook de derde wedstrijd, in de Vijf Meihal, verloren. En niet zo’n beetje ook. De 63-93 nederlaag en de 0-3 in de serie deden pijn, heel erg pijn.

63-93 oogt als een enorm pak slaag, maar het vierde kwart moet je eigenlijk niet meer meetellen. ZZ Leiden was op dat moment murw geslagen en wist dat er geen eer meer te behalen viel. Donar bleef scoren, vooral driepunters, en bij de thuisploeg was het heilige vuur gedoofd. Eigenlijk lag de crux al in de openingsfase van het derde kwart. De landskampioen opende de tweede helft met vier driepunters (Gipson 2, Dourisseau en Mast), ZZ Leiden stelde daar slechts vier punten tegenover (Thompson en Watson) en het verschil was gemaakt. De positieve stand bij de rust (33-32) was omgedraaid in een achterstand van zeven punten: 37-44. Nog niet desastreus, maar ZZ Leiden ging wél voor acht tellen tegen het canvas.

Daarna stond de ploeg te tollen op de benen. Er werden nog wel wat klapjes uitgedeeld, maar die werd ruim beantwoord door Donar. Met een achterstand van elf punten (47-58) stond Leiden voor een enorme klus in het laatste kwart.

Wat de laatste wedstrijd van het seizoen zou gaan worden kende een aanloop, die heel vervelend was. Mohamed Kherrazi kreeg (volgens niet bevestigde geruchten) slaande ruzie met coach Rolf Franke, waarna de technische baas niet anders kon dan de speler met de langste staat van dienst in Leiden te schorsen. Nu kan het ontbreken van Kherrazi niet worden gebruikt als excuus, want om van Groningen te winnen en het smeulende vuur nog aan te houden, was meer nodig dan één speler. Daartoe had Leiden moeten spelen als een team, zoals dat in feite het hele seizoen het geval was geweest.

Maar eigenlijk haalde niemand de gemiddelde vorm van dit mooie seizoen en daarmee ook het team als geheel niet. Darius Thompson en Clayton Vette schoten bijvoorbeeld allebei 0 op 5 driepunters, Maurice Watson begon perfect met 3 op 3 bommen, maar viel daarna droog en dat gold ook voor Kenneth Simms, die zo waar goed begon met twee lekkere dunks, maar daarna terugviel naar de vorm van zijn seizoen: beroerd. Worthy de Jong was in feite de enige, die ‘normaal’ speelde, maar zijn zestien punten en zeven rebounds konden de gloeiende plaat niet afkoelen.

ZZ Leiden begon lekker aan de wedstrijd en de hoop dat het seizoen minimaal tot en met donderdag zou duren vatte post bij de supporters, die voor een bomvolle Vijf Meihal zorgden. Er werd, vrij eenvoudig, een voorsprong van 17-8 op het scorebord gezet. Maar het geroutineerde Donar maak je de pis niet lauw in zo’n situatie en al helemaal klasbakken als Sergerio (zeg maar: Teddy) Gipson en Lance Jeter niet. Bij de eerste kortte pauze was het gat al verkleind tot vier punten: 19-15.

ZZ Leiden bleef gedegen spelen en kwam zelfs op een voorsprong van negen punten (29-20), vooral door drietjes van Maurice Watson en Worthy de Jong. Maar weer kwam Donar terug en nam vlak voor de rust zelfs voor de eerste keer in de wedstrijd de leiding: 31-32. Clayton Vette draaide dat nog om in een positieve score halverwege (33-32), maar de toon was gezet. Donar was duidelijk van plan de serie langs de kortste weg te beslissen.

Dat gebeurde dus in feite in de openingsfase van het derde kwart. De nog altijd brandende Leidse kaars werd met een (water)kanon gedoofd. Daarna wilde ZZ Leiden nog wel, maar kon eenvoudig niet meer. Je hoefde maar naar de lichaamstaal te kijken om te weten dat het niet meer goed ging komen. Het was jammer dat het zó moest eindigen. De ploeg verdiende meer en in elk geval een waardiger afscheid.

Wat blijft is de herinnering aan de beste ploeg sinds een jaar of vijf. Gedragen door twee Amerikanen, die voor Nederlandse begrippen van de buitencategorie zijn. Want natuurlijk gaat het allemaal om de prijzen (de nationale beker werd trouwens toegevoegd aan de collectie), maar het vermaken van het publiek is minstens zo belangrijk. En dat heeft ZZ Leiden zeker gedaan.

Mannen als Darius Thompson en Maurice Watson zullen we vrijwel zeker niet meer terugzien in de Vijf Meihal. Dat zal wellicht ook gelden voor andere spelers. Kenneth Simms natuurlijk, want spelers met zijn kwaliteiten kun je op elke Europese rommelmarkt kopen. De fans mogen hopen dat mannen als Clayton Vette, Worthy de Jong en Mohamed Kherrazi (ervan uitgaande dat hij weer dor één deur kan met coach Rolf Franke) ook komend seizoen de Vijf Meihal als hij thuisbasis zien. Dan moet je gewoon een gelukkige hand hebben met het aantrekken van Amerikanen.

Een wat bredere selectie zou lekker zijn, want hoewel het dit seizoen goed is gegaan met de ‘krappe’ bank, blijft het een groot risico. Maar hoeven wij Rolf Franke en technisch bestuurslid Rob van Hooven niet te vertellen…

Zorg en Zekerheid Leiden – Donar Groningen 63-93 (19-15, 14-17, 14-26 en 16-35).
Scores Leiden: Worthy de Jong 16 (7 rebounds, 4 assists), Clayton Vette 16, Maurice Watson 13, Darius Thompson 9 (6 assists) en Kenneth Simms 9.
Topscorers Groningen: Teddy Gipson 19, Lance Jeter 19, Jason Dourisseau 15 en Rienk Mast 13.

Op de foto van Jan van der Lubbe: Het seizoen zit erop, de spelers nemen op het veld afscheid van elkaar en daarna van het publiek.
(Meer foto’s op onze Facebookpagina)