Kjeld Nuis heeft vrijdagavond op het olympisch kwalificatietoernooi (OKT) de 1.000 meter gewonnen in een tijd van 1.07,64. Nog nooit was er iemand sneller op een ijsbaan op zeeniveau.

Onderweg wist Nuis al dat hij aan een goede rit bezig was. De schaatser met Leidse roots hoorde het publiek brullen bij zijn doorkomst na 600 meter, maar hij verbaasde zichzelf met zijn eindtijd. ‘Ik zocht ernaar op het bord: 1.08. Ik zag het niet, was het 1.07.’

Nuis had genoten. ‘Het was een vlekkeloze 1.000 meter. Het ging bijna vanzelf.’ Het was de beste race van zijn leven en die kwam precies op het goede moment. Deze week was het nu of nooit voor zijn olympische aspiraties. De regerend wereldkampioen op de 1.000 en 1.500 meter is al jaren een van de snelsten ter wereld, maar haalde nog nooit de Winterspelen.

In 2010 was hij er dichtbij. Toen werd hij op het kwalificatietoernooi derde. Dat was niet voldoende omdat er in die tijd nog schaatsers een zogenaamde ‘beschermde status’ waren. Zo mocht Nuis niet naar Vancouver en Mark Tuitert en Jan Bos – die hij had verslagen – wel.

Vier jaar geleden mondde het OKT uit in een drama voor Nuis. Hij was dat seizoen de beste Nederlander op de kilometer en schaatsmijl, maar een combinatie van ziekte en zenuwen hield hem van zijn olympische debuut af.

Inmiddels is Nuis 28 jaar oud en begint de tijd te dringen. De eerste maanden van dit schaatsseizoen gaven weinig hoop. Hij was wat ziekjes en kon internationaal geen vuist maken. Juist toen de vorm begon terug te komen, stond er een trainingsstage in Collalbo op het programma en niet de wereldbekerwedstrijd in Salt Lake City. ‘Ik vond het wel lastig om dat af te zeggen. Het is toch alsof je van het beste ijs van de wereld naar de Bonkevaart gaat.’

Het bleek de juiste beslissing. In Noord-Italië bouwde Nuis zijn vorm verder op. Aan de start van zijn rit betaalden de lessen van zijn sportpsycholoog zich uit. Hij wist geconcentreerd te blijven. Het leverde hem het felbegeerde olympische startbewijs op. ‘Eindelijk.’

Bron: de Volkskrant/Erik van Lakerveld
Foto: RTV Drenthe