Het serieuze schaken heeft hij inmiddels achter zich gelaten; schaker en oud-wereldkampioen Anatoli Karpov (foto) laat zich vrijwel alleen nog lenen voor rapid- en exhibitiepartijen. Des te bijzonderder maakt het dat de inmiddels 68-jarige Rus afgelopen weekend meedeed aan het Daniël Noteboomtoernooi in Leiden.

Waar de ’schaakheld’ uit de jaren tachtig – in het verleden – regelmatig Nederland aandeed voor het spelen van toernooien, zo spaarzaam laat hij zich de laatste jaren zien. ,,Vier jaar geleden was mijn laatste keer tijdens het Tata Steel toernooi in Wijk aan Zee en ik heb twee keer eerder een bezoek gebracht aan Leiden, een mooie stad’’, herinnert Karpov zich. ,,Ik kom graag in Nederland, maar ik heb het druk met mijn werkzaamheden als parlementariër.’’

Sinds 2011 is de inwoner van Moskou namelijk lid van de ’staatsdoema’, het Russische lagerhuis. Het schaken doet Karpov er nu bij, mits hij het kan combineren met zijn werkzaamheden. ,,Ik moet maandag weer gewoon aan het werk. Het is soms passen en meten omdat ik alleen kan in de weekenden op dit moment. Maar ik vind het leuk om te doen.’’

Het plezier straalt er ook bij hem vanaf. Rondom de schaakpartijen op het Daniël Noteboomtoernooi is Karpov vooral gefocust op het spelletje, erna is hij uiterst relaxed. De ster in het schaken van weleer neemt voor iedereen z’n tijd om een praatje te maken, handtekeningen uit te delen of op de foto te gaan. De komst van de Rus is overigens niet ’gratis’, want uiteraard krijgt hij enkele duizenden euro’s aan startgeld.

,,Het is behoorlijk wat geld voor ons toernooi, maar het valt in feite nog wel mee’’, vertelt Rudy van Wessel, toernooidirecteur van Daniël Noteboom. ,,Zeker als je het vergelijkt met bijvoorbeeld Garri Kasparov, Karpovs grootste rivaal. Die vraagt rustig vijftigduizend euro. En dan is het maar de vraag of hij er zin in heeft. Daarom heb ik nooit een poging gedaan om Kasparov hierheen te halen. Ik ben blij dat Karpov uiteindelijk is gekomen, we hebben geluk gehad.’’

Karpov lijkt meer een echte liefhebber, die het niet per se meer hoeft te doen voor het geld. Het opzetten van schaakscholen over de hele wereld doet hij ook puur vanuit liefhebberij voor de schaaksport die hem zoveel heeft gebracht. ,,Daar ben ik ontzettend druk mee. We organiseren daarnaast schaakkampen in de Verenigde Staten, Sardinië en Spanje. Ik heb net een schaakkamp opgezet in Tunis in Tunesië en we zijn bezig in Griekenland en Turkije. Of ik dat ook in Nederland ga doen? Dat ligt eraan, dan moeten er wel mensen beschikbaar zijn om het op te zetten. In m’n eentje krijg ik het niet voor elkaar.’’

Betrokken is hij ook in zijn eigen stad Moskou waar de uit de Oeral afkomstige Karpov competities heeft opgezet voor kinderen. ,,En ik organiseer een toernooi voor kinderen onder de 14 jaar. Het is belangrijk dat jongeren gaan schaken, want het schijnt de kans op het krijgen van bijvoorbeeld de Ziekte van Alzheimer te verminderen. Ook voor ouderen is het dus belangrijk’’, beweert Karpov, die overigens afgelopen weekend het Daniël Noteboomtoernooi niet wint.

In een vierkamp speelt Karpov tegen zijn voormalig concurrent Jan Timman, de Duitser Robert Hübner en de Bosnische Nederlander Predrag Nikolic. ’De vier oude meesters’, zoals ze door de organistie worden genoemd, spelen in totaal twee keer tegen elkaar, in korte partijen van dertig minuten plus vijf seconden toevoeging bij iedere zet. De bijna tien jaar jongere Nikolic (59) wint het toernooi uiteindelijk, iets dat organisator Van Wessel niet had verwacht. ,,De scherpte wordt natuurlijk wel minder naarmate de jaren gaan tellen. Dat maakt misschien het verschil. Wat ook meehelpt, is dat Predrag over het algemeen vaker schaakt dan de rest.’’

Karpov, die tweede eindigt, accepteert zijn verlies uiteindelijk. ,,Natuurlijk had ik willen winnen, maar ik baal er minder van dan vroeger’’, vertelt de Rus, die wellicht in de toekomst een keer terugkeert naar Leiden. ,,Ik heb afgelopen donderdag bij het ontvangst de grap gemaakt: ’als je niet wint, moet je terugkomen’’’, zegt Van Wessel met een knipoog. ,,Al willen we als toernooi wel iedere keer met wat nieuws komen.’’

Tom Mentink/Leidsch Dagblad