De waterpolosters van ZVL-Tetteroo treden dit weekeinde in het Italiaanse Padova aan voor de eerste ronde van de Euro League. De Leidse ploeg moet in een zware poule één van de vier teams onder zich zien houden. Vrijdagavond is de eerste wedstrijd, tegen thuisploeg Plebiscito Padova. Jacob Spijker moet de ploeg naar de volgende ronde loodsen.

Niet veel mensen beginnen op hun 64ste aan een nieuw hoofdstuk in hun carrière. Jacob Spijker wel. Na bijna een halve eeuw jongens- en mannenteams onder zijn hoede te hebben gehad, coacht de clubman dit seizoen de vrouwen van ZVL-Tetteroo. Dat blijkt een goede combinatie.

Fanatiek coachend staat Spijker dinsdagavond aan de rand van het Vijf Meibad, het Leidse eredivisieteam voorbereidend op een Europecuptrip naar Padova, Italië. ,,Het zit in zijn hart en zijn ziel’’, zegt de toekijkende vrijwilliger Hennie Blansjaar liefkozend.

Met de jaren is bij Spijker het relativeringsvermogen toegenomen, maar de tijd heeft nooit vat gekregen op zijn fanatisme. ,,Als leidinggevende bij Rivierduinen en als coach heb ik dat altijd in me gehad. Als je iets doet, moet je het goed doen. Mensen aan wie je leiding geeft, voelen dat ook, als je er écht voor gaat. Zodra ik dat niet meer heb, moet ik stoppen.’’

Nadat coach Tim van der Meer laat had aangegeven weer zelf te willen gaan waterpoloën, kwam Spijker als hoofd van de waterpolocommissie op uitdrukkelijk verzoek van de speelsters bij zichzelf uit. Zonder aarzeling betrad hij dat voor hem onbekende terrein. ,,Ik wist zeker dat ik er met mijn ervaring wat van zou kunnen maken. Of ik het ook echt leuk zou vinden, moest blijken. En dat is zeker het geval. De wisselwerking met de meiden is heel goed. Het gaat tot nu toe buitengewoon. De prestaties zijn prima en de meiden komen met plezier naar de trainingen.’’

Als toeschouwer zag Spijker hoe ZVL vorig seizoen na een sterke eerste seizoenshelft zonder prijzen bleef. Hij beschouwt het als zijn grootste uitdaging om daar verandering in te brengen, en te zorgen dat het team wel op het juiste moment piekt. Tot nu toe gaat dat hem goed af, bij de gedeeld koploper in de eredivisie.

Dat komt volgens Spijker deels door factoren waar de coach weinig invloed op heeft: routinier Iefke van Belkum is helemaal hersteld van de ziekte van Pfeiffer en toptalenten Rozanne Voorvelt en Kitty Lynn Joustra zijn weer een jaar verder in hun ontwikkeling.

Toch kan de goede vorm van individuele speelsters en het team als geheel niet los worden gezien van zijn aanpak. Als jeugdbondscoach heeft hij afgelopen zomer in Zeist rondgevraagd, onder meer bij bondscoach Arno Havenga, hoe hij die het beste kan toepassen in het vrouwenwaterpolo. Het grootste verschil, stelt Spijker, is dat techniek een grotere rol speelt dan bij de mannen. Die kunnen op kracht meer compenseren.

,,Qua karakter zijn vrouwen ook anders. Als ik een jongens- of mannenteam coach, komen ze binnen, geven ze je een handje en gaan ze het water in. Vrouwen willen meer uitwisselen, overleggen. Daar moet je ze de ruimte voor geven.’’

Spijker maakt dankbaar gebruik van het feit dat hij met Iefke van Belkum en Biurakn Hakhverdian twee speelsters uit het gouden olympische team van 2008 in de gelederen heeft. ,,Zij weten heel vaak de juiste oplossingen en waarderen dat ik ze die laat aandragen. Neem de man-meerverdediging. Die zit bij vrouwenwaterpolo anders in elkaar dan ik gewend was, heb ik van mijn routiniers geleerd. Gezamenlijk hebben we die aangepast. Zo blijf ik leren.’’

Met een team dat hoofdzakelijk uit jonge speelsters bestaat, ziet de gelouterde coach de Europese trip naar Italië als zeer waardevol.

De weerstand van Europese topteams zal zijn speelsters volgens hem helpen om in eigen land stabieler te gaan presteren. ,,Slechte periodes als die we zaterdag tegen De Zaan hadden, moeten en gaan we eruit halen’’, klinkt het. ,,Ik moest me inhouden om niet te vloeken.’’ Glimlachend: ,,Daar heb ik de meiden voorafgaand aan het seizoen ook voor gewaarschuwd: ik kan soms flink tekeergaan. Dat is niet persoonlijk bedoeld.’’

Tekst: Hielke Biemond/LD