Vol instemming bekeek Laurine van Riessen deze week de noodkreet van Elis Ligtlee bij De Avondetappe. De olympisch kampioen betoogde in het televisieprogramma dat er snel ondersteuning en sturing vanuit de Koninklijke Nederlandse Wieler Unie (KNWU) moet komen om het Nederlandse succes van de Olympische Spelen van Rio de Janeiro een vervolg te geven. Vooral de aanstelling van een nieuwe bondscoach is volgens Ligtlee van het grootste belang.

De tijd dringt, vindt ook Van Riessen. De Leidse weet uit ervaring hoe snel de vier jaar tussen twee Olympische Spelen voorbijgaan. Al bijna op een kwart van die cyclus heeft René Wolff, die vertrok vanwege een gebrek aan financiële mogelijkheden, nog altijd geen opvolger gekregen. ,,Ik vind het een moeilijke situatie op dit moment’’, zegt Van Riessen. ,,Het sprintprogramma heeft voor de bond niet de hoogste prioriteit. De ontwikkeling van ons team blijft daardoor achter. Iedereen wil verder en gaat zijn of haar eigen ding doen. Het is leerzaam, dat zeker, maar een goede coach is noodzakelijk.’’

Het gaat te ver om te stellen dat ze na de Olympische Spelen alleen vanwege René Wolff het schaatsen definitief verkoos boven het baanwielrennen. Wel had ze er alle vertrouwen in onder zijn leiding richting de wereldtop te kunnen gaan. Haar snelle omscholing, in slechts een jaar tijd, dankt ze grotendeels aan de aanpak van de Duitser.

Sinds de Olympische Spelen merkt Van Riessen dat ze veel meer op zichzelf is aangewezen. Ze weet genoeg van topsport om in goede conditie te blijven, maar nog veel te weinig van baanwielrennen om ’de volgende stap’ te maken. ,,Daar is een coach voor nodig. Ik probeer mijn eigen weg te vinden, maar ik kan niet alles zelf bedenken.’’

Het scheelt een stuk dat ze sinds januari ondersteuning krijgt van een Brits team. Bij Matrix Pro Cycling is Van Riessen de enige van buiten Engeland, waar het baanwielrennen de commerciële structuur heeft die in Nederland ontbreekt. Al voordat de huidige impasse ontstond, besloot de Leidse deze stap te nemen.

De rechtenstudente, bezig aan het afronden van haar bachelor, vindt dat ze nog zo veel moet leren in haar nieuwe sport dat ze geen tijd te verliezen heeft. Terwijl teamgenoten uit de nationale selectie na de Olympische Spelen gas terugnamen, wilde Van Riessen het liefst meteen weer wedstrijden rijden. Ervaring opdoen, zoveel mogelijk.

De Britse ploeg biedt haar de mogelijkheid om dit seizoen een wereldbekercircuit te volgen, tussen het EK in oktober en het WK in februari in Apeldoorn. ,,De teamsprint blijft het belangrijkst, omdat we ons daarmee voor de Spelen kunnen kwalificeren, maar ik wil me in deze vier jaar ook op de individuele onderdelen verder ontwikkelen.’’

Met deze constructie probeert ze een omgeving te creëren als in het schaatsen: vol mogelijkheden. Ook op financieel gebied. Andere fietsen uitproberen, om een voorbeeld te noemen. Zondag vertrekt ze naar Frankrijk voor een hoogtestage van drie weken. ,,Dat zijn dingen die bij de bond niet kunnen.’’

Of ze daardoor een betere baanwielrenster is geworden dan tijdens haar veelbelovende debuut op de Olympische Spelen? ,,Geen idee’’, klinkt het lachend. ,,Met krachttrainingen ben ik een nieuwe weg ingeslagen. Dat is spannend. Tot nu toe voelt het goed, maar het is lastig om te bepalen waar ik sta en of ik goed bezig ben. Daar zijn wedstrijden voor nodig. Wat dat betreft kijk ik enorm uit naar het WK in eigen land.’’

BRON: LEIDSCH DAGBLAD